P. heeft vaak last van heesheid en veel slijm.
Ook is hij moe.
Navraag (verkouden? Allergie? Hooikoorts?) doet mij vermoeden dat stress en ademhaling de oorzaak kunnen zijn.
Toch antwoordt hij ontkennend op de vraag of hij stress heeft:‘Niet meer dan normaal’.
We gaan aan de slag met een simpele oefening om wat slijm los te trillen. Het zingen is geen probleem, de inademing gaat echter niet goed. Ribbenkast, borst en schouders gaan namelijk omhoog, en de buik trekt in.
Het middenrif werkt nu omgekeerd van wat het eigenlijk moet doen: het moet dalen om lucht naar binnen te laten stromen. Dit kost geen moeite, en dit is dan ook een passieve inademing.
P. haalt echter actief adem doordat hij zijn borstspieren activeert. De hulpademhalingsspieren worden hierdoor ook meteen ingezet, en het middenrif trekt dan plat.
Een (constant) hoge ademhaling heeft nogal wat gevolgen:
-Verminderde zuurstofopname (minder diepe longvulling)
-Vermoeidheid (kost meer energie)
-Stressgevoel (snelle ademhaling activeert het sympathische zenuwstelsel).
We gaan oefenen met het middenrif, om dit weer op de juiste manier te laten werken. Wanneer er minder lucht
P. heeft tijdens het oefenen soms het gevoel dat hij moet ‘bij-ademen’, dat hij te weinig lucht heeft. Dit is een bekend verschijnsel en gaat vanzelf weg wanneer je een tijdje op de juiste manier in-en uitademt.
Al na een kwartiertje bewust bezig te zijn met het middenrif merkt P. op dat hij geen adem meer ‘haalt’, maar dat de inademing vanzelf komt als hij het middenrif ontspant.
TOP!!
Na een uur zangles voelt P. zich een stuk beter.
(Later die dag krijg ik een appje dat hij zich realiseerde dat hij al geruime tijd stress heeft.
Hij was het inmiddels gewend…)